Tag Archieven: 20km van Brussel

20km van Brussel: het verslag

Was het goed? Het was goed. Meer dan goed zelfs: het was uitstekend.

Rond half één was het verzamelen geblazen: de Bomma bleef in Londerzeel om op Laurens te passen (het regende iets te hard), zodat we met z’n vijven naar Brussel afzakten: Gunter (die niet deel zou nemen wegens een blessure), Jimmy, Leslie (al supporter), Godelieve (als supporter) en ik.

In de auto werd de klassieke vraag gesteld: wat denk je te lopen?
Jimmy hield het op ‘liefst onder de 2u’. Het was immers de eerste maal dat hij deze afstand liep.
En ik, ik hield het op: ‘ik ben heel tevreden met 1u25. Dan trakteer ik mezelf vanavond op frietjes’. Dat is namelijk 5 maanden geleden…

Godelieve antwoordde heel categoriek: “Frietjes? Niet wanneer je boven de 1u20 loopt!”. Van een uitdaging gesproken.

Ik ben absoluut niet de persoon die voor goede sportprestaties zichzelf gekke doelen voor ogen stelt. Ook al weet ik diep vanbinnen dat ik in principe met mijn ogen dicht 1u30 moet kunnen lopen, je zal me dat niet vaak horen zeggen. 1u20 leek me veel te snel. Ik had nog maar 2 keer onder 1u20 gelopen, en dat was bovendien op het oude (lees: kortere) parcours.

In Brussel vonden we al bij al nog vlot een parkeerplaats, en maakten ons ter plaatse klaar. Loopschoenen, hartslagmeter, GPS, iPod, vuilzak, …
Rond half twee arriveerden we aan het jubelpark, waar – in vergelijking met de voorbije jaren – er nog maar weinig lopers stonden aan te schuiven. Na het maken van de praktische afspraken wandelden we naar het einde van het park toe, om te kijken waar de maten lagen.

Rond kwart na twee werd het tijd om afscheid te nemen van de anderen om wat op te warmen en me naar mijn startpositie te begeven. Het bleek nogmaals hoe nuttig zo’n vuilzak wel niet is om warm in te blijven.
De Bolero liep over in de Brabançonne, en bij de knal van het kanon stoven de eerste 10.000 lopers weg. De volgende groepen zouden telkens met 6 minuten vertraging starten.

In de Wetstraat lag het tempo hoog. De dalende lijn en mijn positie in de kopgroep zorgden ervoor dat ik al na 3m15s het bord van de eerste kilometer passeerde. Wat verder stonden Godelieve, Leslie en Gunter. Ik had zelfs nog even tijd om te zwaaien, dus mentaal zat het wel goed.

Na het koninklijk paleis volgde de eerste bevoorrading. Vooraan lopen is op dat gebied een zegen, omdat je dan vlot de tuimte hebt om een flesje aan te nemen. Ik kan me moeilijk inbeelden hoe dit geordend kan verlopen als de massa daar aangestormd komt.

Ik besloot dezelfde techniek als vorig jaar toe te passen: proberen in het starttempo te blijven (minder dan 4 minuten per kilometer) en dat zo lang mogelijk, met zo weinig mogelijk verval, vol te houden. 1u25 was het doel, dus dat schema gaf me 5 minuten speling in de moeilijke laatste kilometers.

De tunnels kwamen en traditiegetrouw heeft mijn GPS daar geen ontvangst. Ook de sfeer was, zo ver vooraan in de wedstrijd, anders dan de andere jaren. Geen handgeklap of geroep, alleen het gebons van voeten op het asfalt. In het spoor van een vrouwelijke atlete en haar mannelijke begeleiders zet ik koers richting Ter Kamerenbos.
Kilometer na kilometer blijf ik onder de 4 minuten per kilometer duiken, zodat er alsmaar meer marge op mijn schema komt.

In Ter Kameren worden de bochten als vanouds scherm aangesneden. Door de snelheid is het wel opletten geblazen, want er ligt tal van mogelijk struikelmateriaal langs de kant. Bij het uitdraaien van Ter Kameren passeren we de matten van de 10km. Tijd: iets boven de 37 minuten, wat neerkomt op meer dan 5 minuten voorsprong op het schema van 1u25 en 3 minuten voorsprong op een (niet vooraf uitgerekend) schema van 1u20.

Vanaf dan begint het rekenwerk: elke kilometer die ik aan 4 minuten per kilometer kan blijven lopen is winst. Een halve kilometer verder passeert de Spa tempoloper van 1u15 mij. Het tempo gaat net iets te snel, en ik wil mezelf niet verbranden. Ik probeer het tempo strak te houden tot kilometer 12, waar het eindelijk bergawaarts gaat. De weg bedoel ik, niet mijn snelheid. Die schiet verder de hoogte in, dusdanig dat ik er steken van krijg in mijn zij.

Alles blijft vlot gaan, maar ik begin wat vaker op mijn horloge te kijken. En kijk uit naar een bevoorradingspost, want mijn tong voelt aan als een uitgewrongen dweil. Lang leve Isostar, al kleeft het goedje wel.

De brede lanen die volgen lopen zachtjes naar beneden, tot kilometer 17. Van daaruit draaien we naar links, de gekende Tervurenlaan op. Ik had bewust wat het tempo laten zakken de voorbije 2 kilometer, om iets extra’s in de tank te houden. En dat loonde: ik raapte nog wat lopers op, en verdapperde naarmate de finish dichterbij kwam. Nog snel een druivensuiker achter de kiezen, en de laatste twee kilometers werden ingezet.

Ongeloofelijk wat het beeld van de groter wordende triomfbogen met een mens doen: je stijgt boven jezelf uit, en jaagt het tempo nog meer de hoogte in.
In de laatste brede bocht hoorde ik Gunter nog supporteren, maar zien deed ik hem niet. Vlak voor de meet werd ik nog gepasseerd, maar mijn eindtijd was 1u16m26s, een 223 plaats.

Mijn beste tijd? Neen, ik liep al tweemaal sneller. Maar wel – met voorsprong – mijn beste positie. Ik ben niet vaak tevreden met een resultaat, maar ditmaal wel. Ik viel Godelieve gelukzalig in de armen.

Ook Jimmy leverde een sterke prestatie af, door binnen te komen in 1u en 53 minuten. Proficiat!

En de conclusie? Het zijn 5 zware maanden geweest op gebied van dieet en sport, maar alles was het waard.
En die frietjes? Die heb ik aan mij laten voorbij gaan.
Binnen 3 weken is er immers de Watermolentriathlon. En daarna de Dodentocht. En daarna…

Doelen met je hebben in het leven :-)

20km van Brussel: start-vraagstuk

Rechstreekse quote van de 20km-website:

Om de wedstrijd zo goed mogelijk te laten verlopen, zal het vertrek gebeuren in drie golven

Lijkt simpel genoeg, toch?

Maar dan heb je dit, officieel, kaartje van de start:

20001_30000

Ik herken hier 6 startzones in:

  • 1 – 100
  • handbike
  • 101 – 1500
  • 1501 – 10000
  • 10001 – 20000
  • 20001 – 30000

Dat 20001 tot 30000 een aparte golf vormt, spreekt – voor mij - voor zich.
Maar wat zijn dan de 2 andere golven?

Gaat men uit van 10000 deelnemers per golf?
Best mogelijk, maar dan moet er 10000 man door 1 smalle strook van de triomfboog en het jubelpark, en dan starten de nummers 1 tot 10000 tesamen. Waar is dan het voordeel voor de snellere lopers (startnummer lager dan 1500)?

Afwachten maar…

En wat het weer betreft, zondag in Brussel: 80% kans op regen, temperatuur tussen 13° en 17°C.
Volgens het KMI:

Eerst zwaar bewolkt met lichte regen of motregen, later wisselende bewolking met kans op onweerachtige buien

Fysieke toestand en zo

Nog 11 dagen, en één van mijn belangrijkste (sportieve) uitdagingen van 2010 gaat van start. De 20km van Brussel.

Na maanden van onthouding (wat betreft alcohol en zoetigheden) en gematigd intensief sporten zou er een bekroning moeten volgen aanstaande zondag.

Concreet verloor ik tot nog toe 11,6kg (in totaal) en maar liefst 20,5kg vetten. Die vetten zette ik voor een groot deel om in spieren, wat verklaart waarom mijn gewichtsafname zich niet verder zette.
Het gewich fluctueert wel een beetje, afhankelijk van de maaltijden en de geleverde inspanningen de dag ervoor. Ook een teken dat het wel goed zit qua gewicht. Als je niet scherp staat worden zo’n extraatjes amper opgemerkt bij het wegen.

En ook qua sport zit het goed: er wordt regelmatig gelopen, welliswaar niet de lange afstanden die ik gepland had. Op die tochtjes zit het vooral snor qua gemiddelde hartslag. Die is, algemeen gezien, 10 slagen lager dan vorig jaar, bij gelijke inspanning en snelheid.
Vanavond is het de laatste wedstrijd zaalvoetbal van dit seizoen, dus zullen er vanaf nu regelmatig snellere trainingen gelopen moeten worden.
Tenslotte is er nog het fietsen, dat, afhankelijk van de zin en omstandigheden, ook zijn plaatsje in de sportagenda kreeg.

Alleen maar goed nieuws dus? Wel, eigenlijk wel, maar toch is er de onzekerheid.

Na 14 jaar loopwedstrijden afgehaspeld te hebben weet ik als geen ander hoe belangrijk de vorm van de dag is. Je mag zo scherp staan als een mes, en honderden trainignskilometers gelopen hebben: als je benen die dag niet meewillen, kan je een goede prestatie op je buik schrijven.

Ik ga bewust niet uit van het slechtste, maar temper wel de verwachtingen. Vorig jaar had ik, ondanks weinig training en overgewicht, superbenen, en liep ik ook een goede tijd: 1u24.
Dit jaar ga ik uit van 1u30 als streefdoel. Ik passeerde bij de marathon van Antwerpen de streep van 21km op 1u37, dus dat moet zeker haalbaar zijn. Al wat ik sneller kan dan 1u30 is mooi meegenomen.

En qua tijdschema? Ik voel wel wat voor de indeling van vorig jaar: starten aan +/- 4 minuten per kilometer, en dat zo lang mogelijk vol te houden. Als ik dat kan volhouden tot aan de 10 kilometer, mag mijn tempo van dan af aan zakken tot 5 minuten per kilometer, en kom ik toch nog binnen het anderhalf uur aan. Alles wat na kilometer 10 toch nog sneller kan is weer pure winst.

But then again: alles valt of staat bij goede benen (en voor een dele ook goed weer). Duimen dus!

Marathon Antwerpen (2)

Ik kom nog even terug op mijn verslag van de Marathon van Antwerpen van afgelopen zondag.

Ondertussen is de uitslag bekend. Ik finishte in 3u17m20s, goed voor een gemiddelde snelheid van 12,83km/u, oftewel 4m41s per kilometer.

Wat me nog het meest pleziert, is de vlakke opbouw van mijn wedstrijd:

Tijd na 10km: 0:46:12 (4m37s / km)
Tijd na 21km: 1:37:06 (4m36s / km)
Tijd na 30km: 2:18:34 (4m37s / km)

Als ik deze vorm (en mijn dieet) kan aanhouden tot de 20km van Brussel, zit het dus goed. Ik liep immers mijn eerste 20km van de marathon in 1u32m30s, met nog reserves over.

Tenslotte nog wat foto’s van tijdens de wedstrijd:

Borstnummer opgehaald

Na een verkwikkende wandeling door Brussel (zalig weertje trouwens) mag ik me de fiere eigenaar noemen van een borstnummer voor de 20km van Brussel.

Eigenaardig dat plaats 671 in de uitlslag van vorig jaar me pas borstnummer 1129 oplevert. Veel maakt het niet uit, aangezien nummers 100 tot 1500 in dezelfde startbox mogen plaatsnemen.

Nu alleen nog de training (en het dieet eventueel) volhouden, en alles zal dan wel loslopen.

Marathon van Antwerpen: dilemma

Volgende week zondag vindt de Marathon van Antwerpen plaats. Twee jaar geleden was ik al van de partij, en echt onder de indruk was ik er niet van: het parcours was behoorlijk monotoom. Toch kriebelt het opnieuw, maar de twijfels zijn eveneens van de partij.

Waarom zou ik deelnemen?
Eerst en vooral: de uitdaging. Een marathon is en blijft een fysische en mentale uitdaging, ongeacht de conditie en trainingsintensiteit.
Bovendien is Kevin van de partij. Niet dat we gaan samen laten, maar wel altijd goed voor de moraal.
Tenslotte is het een goede graadmeter voor de 20km van Brussel, en een goede training voor de Dodentocht.

Waarom zou ik niet deelnemen?
De dag ervoor vindt er een (zwaar) feestje plaats, en de marathon start ‘s morgens (half tien). Onmiddelijk na aankomst zou ik me naar huis moeten gaan omkleden, om rond 14u te arriveren op een babyborrel. Omstreeks 18u wordt ik opnieuw in Londerzeel verwacht, om vandaar uit te vertrekken naar Anderlecht. Om het plaatje helemaal compleet te maken wordt ik op maandagmorgen in Nederland verwacht om een examen gaan af te leggen. Het is dus niet alleen de tijdsrestrictie, maar ook de mogelijkheid om te kunnen leren.
Niet dat het noodzakelijk is, maar de vorige keer was Godelieve erbij (op de fiets). Deze keer kan dit niet.
Tenslotte is en blijft het een lelijk parcours en is de deelnameprijs behoorlijk hoog: 40 euro voorinschrijving, 50 euro op de dag zelf.

Afwachten dus. Vermoedelijk zal het van de zin van de dag (of de dag ervoor) en de geblokte leerstof afhangen of ik al dan niet aan de start verschijn. De 10 Miles is geen optie, vermits deze pas in de namiddag start.

Voor de geïnteresseerden heb ik alvast het parcours op een GPS-kaart uitgetekend:

10_miles

Pegasusloop

Gisteren stond met stip aangeduid in mijn agenda. Niet alleen daar, maar ook in tal van Excel-lijstjes die ik her en der bijhoud.

Waarom? Omwille van de Pegasusloop. Een wedstrijd van 10 kilometer door m’n eigen dorpje. Het zou bovendien reeds mijn vierde opeenvolgende deelname kunnen worden.

De omstandigheden waren echter verre van ideaal: zaterdagavond moest ik gaan draaien op de 30-ste verjaardagsfuif van Kevin, er was het hele gedoe met het zomeruur en daar bovenop regende het een half uur voor de start pijpestelen.

Desondanks bond ik toch de schoenen aan. Liever 10 kilometer in weer en wind, dan in slaap vallen in de zetel (bij wijze van spreken).

Snel snel nog inschrijven en me naar de start begeven, waar er wel wat (lokaal) bekende koppen reeds klaarstonden. Na wat oponthoud klonk verrassend het startschot, waarna de massa (nou ja) zich in gang zette.
Het tempo zat er van bij de start meteen in. Ik schoof enkele rijen op en postioneerde me rond de 12de plaats. De eerste kilometer legden we af in 3min35. Veel te snel natuurlijk, maar oude gewoonten slijten niet.

De wind ranselde onze lijven, en de groepjes begonnen zich te vormen. Wie alleen de sprong naar een ander groepje waagde viel vaak snel terug. Na 3 kilometer (11min05) kwam het eerste keerpunt in het parcours en zat de wind eindelijk wat mee. Mijn maag begon echter te protesteren tegen een half middagmaal zonder ontbijt, en ook het algemeen gevoel werd minder. Ik beet me vast in het groepje, en haalde het keerpunt halverwege (5km) in 19min03.

De eerstvolgende kilometer bleef ik aanklampen, maar toen het tempo, door voorbijstekende lopers, de hoogte in ging besloot ik de groep te laten gaan en op eigen tempo verder te gaan. Lang moest ik niet alleen lopen voor ik werd opgepikt door een groepje van 3. Daar bleven we mooi samen tot de laatste 2 kilometer. Mijn lotsgenoten hadden een grotere versnelling dan ik in huis, waardoor ik compleet in de wind kwam te zitten en ik centimeter per centimeter terrein verloor.

De laatste honderden meters verdapperde ik nog omdat ik achter me nog andere lopers hoorde naderen. Uiteindelijk legde ik de 10 kilometer af in 38 minuten en 8 seconden. Niet mijn scherpste tijd ooit, maar wel meer dan 4 minuten sneller dan het jaar voordien.

Een goede generale repetitie voor de 20km van Brussel? Ja en nee.
Het is duidelijk dat snelheid wel snor zit (al had ik er nog niet op getraind), maar dat ik nu op afstand moet gaan trainen, om het verval tegen te gaan.

De volledige uitslag (heren 10km)vind je hier.

Ingeschreven

Ingeschreven

Ondanks de melding dat de inschrijvingen pas vanaf 9u zouden openen, is het me toch al gelukt online in te schrijven:

20km

Ingeschreven, gevalideerd en betaald. Nu nog wachten op de bevestiging…

20km van Brussel: de miserie begint opnieuw!

Gisteren stak er een mailtje van de organisatie in mijn virtuele brievenbus.

Blablabla… nieuwe website…. blablabla …. 30.000 deelnemers, 30.000 winnaars, blablabla… Inschrijvingen open voor iedereen op 1 maart.

Euh? Come again?
Na de verontwaardiging van 2 jaar geleden kiezen jullie opnieuw voor dit concept? Waarom in godsnaam?

Waarom zou je trouwe lopers straffen? Oké, we krijgen eind februari een mail met persoonlijke code, om een mooie startplaats te hebben, maar dan moet je wel kunnen registreren natuurlijk.

En wat met de eerlijkheid van het aanvangsuur? Niet om middernacht zoals 2 jaar geleden, maar op maandagochtend om 9u. het uur waarop iedereen op zijn werk toekomt. Wat met mensen die geen internettoegang hebben op het werk?
Wees overigens maar zeker dat de server weer zal kreunen, net als 2 jaar terug. Toen was de website gedurende 3u amper bereikbaar.

Ik zou natuurlijk kunnen valsspelen. Er zijn al bedrijven die nu al lijsten aanleggen voor deelnemers, en die die lijsten gewoon doorfaxen op 1 maart. Iedereen ingeschreven. Of me aansluiten bij een goed doel. Succes op rugnummer verzekerd!

Maar dat doen we niet. We duimen voor één maart, en zitten gekluisterd aan onze stoel…

Waarom is het zo moeilijk…

… om telkens opnieuw met lopen te beginnen?

Vroeger (hoor me bezig!) had ik daar geen enkele moeite mee. Ik bond, ook buiten het seizoen, de schoenen aan en liep regelematig een rondje. Nu heb ik echt al zware motivatie nodig om me nog eens hollend door de straten te begeven.

Zo was het sinds 14 augustus geleden (de Dodentocht) dat ik nog gaan lopen was. 74 dagen maar liefst. Toegegeven, er is veel gebeurd sindsdien, vooral gerelateerd aan een allerschattigst knulletje dat on sgezinnetje kwam vervoegen.

En toch… Waarom telkens dat verval na een lange trainingsperiode of grote wedstrijd? Van na de 20km van Brussel lag de riem er al grotendeels af: er werd minder op eten gelet, er werd veel minder gelopen, … De wedstrijden die nog volgden waren verplichte nummers, terend op een goede basisconditie. En daarna werd het nog wat drukker (Personal IT, de discobar, de Schuimfuif, het gewone werk, …) en verschoof lopen helemaal naar het achterplan.

Nu zijn we er terug aan begonnen. Niet met vernieuwde moed, nee, zelfs een beetje met tegenzin. Maar toch: het is nodig. Na een weekje diëten staat de teller op minus één kilogram. Nu alleen nog de zin in lopen terugvinden, en alles komt wel goed.

En het goede voornemen? Het zijn er meerdere: voldoende gewicht verliezen, opnieuw een degelijke loopconditie opbouwen, eventueel de zin in lopen terugvinden, en vooral: nadien niet in het zwarte gat vallen.